Uitgelezen 114: Bloedgeld – Simone van der Vlugt

Titel: Bloedgeld
Schrijver: Simone van der Vlugt
Jaar van uitgifte: 1996

Flaptekst:
Het is 1653. De Verenigde Oostindische Compagnie heeft een groot tekort aan zeelieden. Reinout van Veghel grijpt zijn kans als hij eerder uit het tuchthuis vrij kan komen door aan te monsteren op het koopvaardijschip Hollandia, voor een reis naar Java.
Al voordat Kaap de Goede Hoop is bereikt, lijdt een groot deel van de bemanning aan scheurbuik. Allen door vers voedsel en fruit in te slaan, kan dit probleem worden verholpen. Maar de kapitein wil doorvaren, want tijd is geld. Het gemor onder de bemanning neemt toe…

Leeswaarschuwing
Onderstaande tekst kan details van de plot en/of de afloop van het verhaal bevatten.

Reinout van Veghel is 18-jaar als hij al 2 jaar in het rasphuis zit. Hij krijgt de opdracht zich te gaan wassen en moet zich vervolgens melden bij Regent Bensebroeck. Eigenlijk zou Reinout nog een jaar in het rasphuis moeten blijven, maar hij mag weg als hij bemanningslid van een V.O.C.-schip wordt. Als ze eenmaal op de open zee zijn wordt duidelijk dat het hard werken is en dat de bemanning slecht behandeld wordt. De schipper weigert voedsel en water te verversen bij “Kaap de Hoop”, met als gevolg dat het eten bedorven is en het water groen ziet. Hierdoor komen veel bemanningsleden om door scheurbuik. Gelukkig komt voor Reinout “Kaap de Goede Hoop” net op tijd. Als het schip verderop in de reis in een orkaan terechtkomt en de schipper en de stuurman omkomen, neemt Reinout de touwtjes in handen en vaart naar Madagascar om daar het schip te repareren. Reinout stelt voor te gaan kapen. Eerst zijn er maar weinig die zich aansluiten, maar uiteindelijk weet hij iedereen te overtuigen. Als kapers hebben ze veel succes en ze roven het ene na het andere schip leeg. Reinout verdeelt de buit echter eerlijk. Op een dag enteren ze een Hollands schip waarop Thijs en David meereizen. Reinout biedt ze aan om ook lid van de bemanning van zijn schip te worden. Als ze aan land gaan in Algiers stelt Thijs voor naar een kroeg te gaan. In die kroeg wordt zijn broer David neergestoken en hij sterft aan boord van het schip. Op een dag wordt ontdekt dat Thijs een meisje is. Haar eigenlijke naam is Lutske Martensdochter. Zij komt al eerder in het boek voor. Het leven in Amsterdam bevalt haar zo slecht dat ze besloten heeft om met haar broer David mee te reizen naar de Oost. De ontdekking dat Thijs een vrouw is, geeft enige onrust op de boot. Reinout moet haar beschermen tegen de bemanning van het schip. Lutske en Wijnant, een goede vriend van Reinout, krijgen genoeg van het kaperleven en besluiten terug te keren naar Amsterdam. Ze hebben inmiddels genoeg geld om daar een beter bestaan om te bouwen. De V.O.C. krijgt er genoeg van dat er steeds schepen gekaapt worden en stuurt de oorlogsvloot onder leiding van Michiel de Ruyter op Reinout af. Uiteindelijk loopt Reinout toch in de val van Michiel, hij wordt gevangen genomen en in Amsterdam ter dood veroordeeld. Lutske probeert gratie voor hem te krijgen, maar dit lukt niet. Ze slaagt er echter wel in om de beul om te kopen. De beul heeft een ring van ijzer door het touw gevlochten, waardoor de strop niet dicht kan trekken. Hierdoor kan Reinout aan de galg ontsnappen.

Mijn mening/ervaring: Dit boek geeft een levendige en beeldende beschrijving van het leven in de late middel eeuwen. Een periode die later bekend zal worden als de gouden eeuw is voor veel Nederlanders helemaal niet zo goud.

Dit is het 114de deel in de categorie “Uitgelezen”. Op deze pagina houd ik bij welke boeken ik uitgelezen heb.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *