Andere Maan – Acda en de Munnik

Andere Maan
Tekst: Thomas Acda
Muziek: Paul de Munnik
Muziekuitgeverij: Talpa Music BV

Stond bij het raam, ik zag de sneeuw
Weet niet waarom maar dacht ineens
‘k Moet Frank eens bellen
Ik had de hoorn al in mijn hand maar legde neer
Ik dacht: wanneer ben je twee vrienden
Die elkaar niet elke dag hoeven te zien
En wanneer ben je geen vrienden meer

Er staat een andere maan
Een andere maan

Want Frank die kwam uit Schagen en Erik uit Roermond of Curacau of Utrecht,
Suriname of wat hij die dag maar wou
En ik kwam uit een dorpje
Maar woonde midden in de stad
Alle drie echte Amsterdammers
Zonder dat een van ons er een jeugdherinnering had

Die foto op de koelkast
Nog niet eens zo lang geleden
Drie jongens met hun glazen naar elkaar in het caf?
Of daar die foto, de toneelschool, de jongens van de klas
Of die van ons in ’88
Toen Van Basten nog op aarde was

Er staat een andere maan
Er staat een andere maan
Je hebt het eigenlijk niet door, maar zo snel als dingen gaan
Er staat een andere maan

Ik sta bij het raam
Ik zie sneeuw valt in het donker nu
‘k Heb Erik aan de lijn
We praten lang, goh lang geleden…
En ik vraag hem: hoe zou het nou met Frankie zijn

En hij zegt: “grappig dat je het vraagt
Want hij zei laatst iets over jou, wat ook al weer
Iets in de trant van:
Wanneer ben je twee vrienden die elkaar
Ik kom er zo wel op…”
Maar toen legde ik al neer

Er staat een andere maan
Er staat een andere maan
Er staat een andere maan
Je hebt het eigenlijk niet door, maar zo snel als dingen gaan
Er staat een andere maan
Er staat een andere maan

Eerst ben je twee vrienden
En dan vrienden van weleer
Maar dan ben je in de nieuwste theorie, eigenlijk al geen vrienden meer

versje

Begin de dag met een wijsje,
Begin de dag met een lach.
Want wie vrolijk is in de morgen,
Die lacht de hele dag!

Dit versje kwam vandaag (weer eens) bij mij op. Het staat verschillende keren in mijn poëzie-album en ik ken het al jaren uit mijn hoofd. Heb jij dat ook met een versje, gedichtje of spreuk? Zo ja, welke?

Sinterklaas (wie kent hem niet)

Met pasen denk ik aan Sinterklaas,
Dus stuur ik hem een kaart,
Ik schrijf hem hoe het met me gaat,
En groet gelijk zijn paard.
Ik maak een soort van grapje,
Over de zak van Zwarte Piet.
Maar Sint heeft het dan blijkbaar druk,
Want antwoord krijg ik niet.

Wanneer ik op vakantie ga,
En toch in Spanje ben.
Dan rijd ik even bij ze langs,
omdat ik ze heel goed ken.
Helaas, helaas is Sint nooit thuis,
en soms een Zwarte Piet.
Die trouwens in zijn vrije tijd
opvallend bleekjes ziet.

Sinterklaas, wie kent hem niet,
Sinterklaas, Sinterklaas en natuurlijk Zwarte Piet.
Sinterklaas, wie kent hem niet,
Sinterklaas, Sinterklaas en natuurlijk Zwarte Piet.

Elk jaar op 5 december,
krijg ik een kleur.
Ik weet wat me te wachten staat,
Een schimmel voor de deur.
Ik heb wat drank in huis gehaald,
Ik ontvang ze met een lied.
Maar het ene jaar drinken ze wel,
En ’t jaar daarop weer niet.

Sinterklaas, wie kent hem niet,
Sinterklaas, Sinterklaas en natuurlijk Zwarte Piet
Sinterklaas, wie kent hem niet,
Sinterklaas, Sinterklaas en natuurlijk Zwarte Piet

Marsepijn,
Pepernoten, pepernoten, pepernoten, pepernoten.
Speculaas,
Pepernoten, pepernoten, pepernoten, pepernoten.
Suikergoed,
Pepernoten, pepernoten, pepernoten, pepernoten.
Taai, taai, taai, taai, taai-taai,
Pepernoten, pepernoten, pepernoten, pepernoten.
De beste vrienden van ons allemaal,
Voor altijd en eeuwig.
Even royaal!

Sinterklaas, wie kent hem niet,
Sinterklaas, Sinterklaas en natuurlijk Zwarte Piet.

Dag Opa

07-10-1922 / 14-11-2006

Er zijn geen woorden voor een zieke
van wie je weet, hij redt het niet
Je streelt zijn wang, je ziet zijn ogen
je bent bevangen door verdriet
Toch ben je dankbaar voor z’n einde
dat na zoveel moedig strijden kwam
Omdat het niet alleen zijn leven
maar ook zijn lijden overnam

Niemand weet hoe laat het is

Muziek Ton Scherpenzeel
Tekst Youp van ’t Hek

Vannacht in m’n slaap word ik plots overvallen
Straks komt een auto en die rijdt me kapot
Wanneer zal de dood zijn fiets bij mij stallen?
Wat zal mijn clou zijn? Hoe is mijn plot?
Misschien zegt de dokter:
‘Meneer nog twee maanden’
En word ik door een slepende ziekte gesloopt
Men zegt dat dat beter is voor nabestaanden
Maar twee maanden pijn is toch niet wat je hoopt
Deze dag is de eerste van de rest van mijn leven
Dat denken er velen bij hun ontbijt
Terwijl ik altijd denk: ik heb nog maar even
Dit wordt de laatste van een prachtige tijd

Dus moeten we dansen en moeten we vrijen
Moeten we lachen en drinken vol vuur
Lief hou me vast want nu ben ik nog bij je
Tijd is toch geld dus het leven is duur
En ik merk elke dag dat ik me vergis
En dat er dan nog een dag over is.

Jij mag niet doodgaan en ik wil niet sterven
Laat staan onze liefste, denk niet aan ons kind
Haar dood zal ons leven voor altijd bederven
Terwijl ze misschien een hemel daar vindt
Niemand mag doodgaan, niemand verdwijnen
Maar je weet net als ik, er gaat steeds zoveel mis
Met auto’s, veerboten, vliegtuigen, treinen
Niemand weet hoe laat het is
Is het vijf voor twaalf of net half zeven?
Hoeveel uur heb ik nog of rest mij een kwartier?
Hoelang mag ik doorgaan nog doorgaan met leven?
Ik heb echt geen idee dus ik grijp het plezier
Dus moeten we dansen en moeten we vrijen
Moeten we lachen en drinken vol vuur
Lief hou me vast want nu ben ik nog bij je
Tijd is toch geld dus het leven is duur
En ik merk elke dag dat ik me vergis
En dat er dan nog een uur over is

Ik weet als ik later groot ben
En ook bijna dood ben
Dan is al die angst niet nodig geweest
Maar altijd de bangste, altijd die angsten
Maakte mijn leven tot een schitterend feest

Want we hebben gedanst en we hebben gevreeën
We hebben gelachen en gespeeld met het vuur
God verbood wat we allemaal deden
Leef toch je leven als je allerlaatste uur

Druk

Opzij opzij opzij, maak plaats maak plaats maak plaats
Wij hebben ongelofelijke haast
Opzij opzij opzij, want wij zijn haast te laat
We hebben maar een paar minuten tijd

We moeten rennen, springen, vliegen, duiken, vallen, opstaan en weer doorgaan
We kunnen nu niet blijven, we kunnen nu niet langer blijven staan

Een andere keer misschien,
dan blijven we wel slapen
En kunnen dan misschien als het echt moet
Wat over koetjes, voetbal en de lotto praten
Nou dag tot ziens, adieu het gaat je goed

Opzij opzij opzij,
maak plaats maak plaats maak plaats
Wij hebben ongelofelijke haast
Opzij opzij opzij,
want wij zijn haast te laat
We hebben maar een paar minuten tijd

Want het leven gaat door!

Ga je mee op weg,
op de weg naar morgen,
velen gingen ons voor.
Geef een hand sluit aan,
blijf niet staan kom aan,
want het leven,
het leven gaat door!

Ook als soms de vogels even zwijgen
of de wereld even stil blijft staan,
is er vast wel iemand die je hand pakt,
om weer verder te kunnen gaan!

Ga je mee op weg,
op de weg naar morgen,
velen gingen ons voor.
Geef een hand sluit aan,
blijf niet staan kom aan,
want het leven,
het leven gaat door!

Ruud van Leerzem
april 1993